17 februari 2018 – Love me tinder

Marian verwelkomde ons die zaterdag 17 februari in de Salons van de Casa Rosa in Gent.

Met 14 man namen we deel aan de workshop Love Me Tinder, omgaan met sociale media en online daten.  Zelfs een vroeger lid, Frederik uit Oudenaarde, kwam zijn kansen bij ons nog eens uitproberen. Tussendoor kwam Toon ons even goeiedag zeggen, na zijn bezoek aan het SMAK in Gent. En toen de workshop juist gedaan was, kwam Kris van Vincent ook opdagen, waarschijnlijk blij dat die kelk aan hem voorbij was gegaan 😉

Toch werd het een hele aangename namiddag.

Zoals afgesproken, leidde Marian ons eerst boven rond in de bureaus en ruimtes van çavaria.  Zij gaf een kort overzicht van de mensen die hier werken met hun respectievelijke werkterreinen, gaande van communicatie, administratie, beleid, coördinatie tot projectbegeleiding.  Wij kwamen langs de ruimtes van de Casa Rosa zelf, en van Wel Jong Niet Hetero. En helemaal bovenaan mochten we de vernieuwde bureauruimte van çavaria zelf nog bewonderen.

Cavaria werkt met een niet onaardige ploeg van een 27-tal contractuele werknemers met daarbij nog een groot aantal vrijwilligers.

Zo heeft bv. de Holebifoon zelf 2 halftijdse vaste medewerkers en een 20-tal vrijwilligers. Voor de Holebifoon is vooral het kennissennetwerk (de sociale kaart), waarop men kan terugvallen, ook van çavaria uit, belangrijk.

KlliQ, een aparte vzw onder çavaria, verzorgt vooral de opleidingen/vormingen naar buiten toe en werkt met een 4-tal vaste medewerkers met daarbij ook nog een aantal vrijwilligers.  Zij richten zich specifiek op maatschappelijke vorming en begeleiding in scholen, verenigingen, bedrijven.

En dan gingen we aan de slag op het slagveld van de online datingsites.

Marian begon met een klein rondje waarbij we een complimentje moesten geven aan onszelf, want als je begint te daten moet je ook complimentjes aan anderen geven, maar jezelf graag zien is immers ook belangrijk.

Het volgende rondje ging over WEETJES.  Marian zette een regenboogvlagje in het midden en diegene die het antwoord op de vraag wist, moest zo vlug mogelijk de vlag oppakken en het antwoord geven.  Hiervoor werden we per twee in zeven ploegen ingedeeld.

Zo leerden we dat we vanaf 13 jaar een online profiel mogen aanmaken.  Verder liegt zeker een derde (ik denk wel dat het bij holebi’s meer is) over zijn of haar datingprofiel.  Het meeste wordt gelogen over lengte, gewicht, leeftijd, opleidingsniveau en werk.

Sommige jongeren antwoorden toch op een seksueel getinte vraag, terwijl ze in feite niet willen antwoorden.  Dit omdat de ander blijft aandringen, omdat men onzeker is, gemanipuleerd wordt door de ander of zelfs bedreigd wordt.

We leerden ook bij over bepaalde termen, zoals ghosting (een persoon die opeens weg is, terwijl je intussen toch een leuk contact met hem hebt opgebouwd), zombiing (iemand die opeens weg is en plots weer opdaagt), links swipen (geen interesse hebben), cuffing season (het fenomeen om tijdens een bepaald seizoen(bv. de winter) eens iemand aan de haak te willen slaan), cat fishing (een volledig vals profiel opstellen), kitten fishing (een gedeelte van je profiel beter laten uitkomen).

Een volgende vraag was om zoveel mogelijk datingsites te noemen.  Marian gaf ze ons deze op het einde nog op een papiertje mee.  Specifiek LGBT-gerichte datingsites :

OkCupid, Gay.com, Planetromeo, Scissr, Grindr, Match.com, Plenty of Fish, Chemistry, Feeld, Coffeemeetsbagel, Her/Dattch…

De volgende ronde ging over AFSPRAKEN.

Om over seksualiteit te kunnen praten in een groep, moet je eerst een veilige sfeer creëren. Daarom worden er afspraken gemaakt over wat bespreekbaar is en hoe we respectvol kunnen zijn tegenover elkaar.

Daarvoor wordt de PICKASOLL-methodiek gebruikt.

P rivacy: persoonlijke informatie is vertrouwelijk en blijft binnen de groep.

I k.  We praten over onszelf, we zijn open en eerlijk in wat we vertellen.

C ultuur. Rekening houden met de verschillende culturele achtergronden in je groep.

K ies wat je wel en niet vertelt.

A ctief.  Wees actief in het groepsgebeuren.  Wacht dus niet af tot iemand anders iets inbrengt.

S eksualiteit. We hebben het hier over alle vormen van seks en iedereen kan erover meepraten.

O riëntatie.  Mensen kunnen heteroseksueel, homoseksueel, lesbisch of biseksueel zijn.  Iedereen is uniek en verdient respect.

L uisteren.  Luisteren is belangrijk, niet alleen praten.

L achen.  Humor is belangrijk.  Uitlachen kan niet.

VEILIGHEID:

Let op waarschuwingssignalen (bv. iemand die te persoonlijke info vraagt, een adres ….)

Wordt niet te snel facebook friends, maak een apart emailadres aan voor je datingsites.  Je kent elkaar niet, hou dat in je achterhoofd.  En spreek af in real life.

Als je een date hebt, informeer je omgeving (met wie, waar, wanneer).  Ontmoet elkaar op een publieke plaats, niet dadelijk bij je thuis.  Geef niet te snel persoonlijke gegevens (adres, email, rekeningnummer, werk, telefoonnummer…).  Beperk je alcoholconsumptie.

Durf NEE te zeggen, als je echt niet verder wilt gaan.

Marian vroeg ook ons naar onze ervaringen bij het daten.  Daar kwam sterk in naar voren, dat  velen hun gezicht niet willen laten zien, maar zelf wel intiemere dingen vragen aan de ander.  Marian merkte op dat velen, zeker in “onze kringen” zich nog niet ge-out hebben.  En het voelt inderdaad veiliger en vertrouwelijker aan als iemand zijn gezicht laat zien.

Vervolgens liet Marian ons een eigen datingprofiel aanmaken.  Daar kwamen een paar humoristische creaties uit voort:

Jaarlijks inkomen: weduwenpensioen

Woonplaats: rusthuis

Leeftijd: 60+

De bedoeling is echter om niet te veel info te geven op je profiel, zeker niet je volledige naam, eerder een nickname, ook niet je beroep of je inkomen, wel tekstjes met wat je echt zoekt. Kort en bondig blijven.  Geen negatieve dingen vermelden.

Marian had de ervaring dat jongeren meer dienen te focussen op veiligheid.  Ook wat het profiel betreft en ook het feit dat ze niet alles moeten invullen.  Ze zijn dikwijls impulsiever, roekelozer in daten en chatten.  De meesten geven ook aan dat ze graag langer blijven chatten voordat ze afspreken.

Bij de laatste ronde moesten we inschatten welke situaties bij het chatten/daten het meest risicovol kunnen zijn.   De boodschap hier was ook om niet te ver te gaan in informatie te geven.

Als afsluiter van deze leuke en boeiende workshop mochten we elk onze mening hierover zeggen en vervolgens aan de persoon links van ons een complimentje geven.

Marian zelf vond het leuk om deze vorming aan ons te geven.  Ze had deze al aan twee jongerengroepen gegeven en ze vond het interessant om te horen wat een wat rijpere groep hierover te zeggen had.

We waren het er unaniem oer eens dat het een hele fijne workshop was, misschien een beetje te veel op jongeren gericht, maar ook voor ons was het een leuke en interessante namiddag.

Als dank voor haar moed en ijver overhandigden we Marian nog een kleine attentie en ze was er duidelijk mee in haar sas.

Natuurlijk werd er met een drankje afgesloten in de A-pluss.  Dat mocht zeker niet ontbreken. En sommige liefhebbers gingen achteraf nog een restaurantje doen in Gent.

Een date hebben we er echter niet aan overgehouden, maar dat komt nog wel 😉

14 februari 2018 – Call me by your name

Call me by your name was inderdaad een veel toegankelijker film dan de vorige (Corpo Elétrico).

Aangezien het de première was, maakten we dat we toch op tijd waren om nog een plaatsje te bemachtigen.  En inderdaad de zaal raakte helemaal volzet.  22 Liever Gelijkers en aanverwanten hadden de “keure”.  Voor 3 laatkomers was er spijtig genoeg geen plaats meer in de herberg.  Zo zie je maar, liever iets te vroeg dan juist op tijd 😉

Een film met dit keer wel een verhaal.  Ook mooie beelden van het Italiaanse platteland en van de hoofdpersonages.

Het verhaal: de zeventienjarige Elio logeert tijdens de zomermaanden met zijn ouders in een oude, Italiaanse villa.  Zijn vader, een professor in de archeologie, nodigt die zomer ook een student (Oliver) uit om hem te komen helpen.

Elio tast zijn seksualiteit nog af en begint stilaan verliefd te worden op de iets oudere Oliver.  Deze verbergt zich in het begin achter zijn Amerikaanse arrogantie omdat hij inderdaad – geeft hij achteraf pas toe – zich ook aangetrokken voelt tot Elio.  Mooie beelden van de seksuele spanning tussen de twee jonge mannen.  Het hunkerend wachten van Elio, de nachtelijke samenkomsten…

Dan naar het einde toe, nog een paar leuke dagen samen doorbrengen met nadien het onvermijdelijke afscheid en het liefdesverdriet van Elio.

Het is ook 1983 en in een afscheidstelefoontje van Oliver aan Elio vertelt hij hem dat hij binnen afzienbare tijd zou gaan trouwen. Als Elio hem zegt dat zijn ouders op de hoogte zijn van hun eerdere verhouding, kan Oliver enkel maar beamen dat hij geluk heeft met dergelijke ouders die hun zoon accepteren gelijk hij is.

Zijn ouders zien ook het verdriet van Elio en op een gegeven moment komt de vader met zijn zoon praten.   Die scène was het inhoudelijke hoogtepunt van de film.

“Luister, jullie hadden een prachtige vriendschap. Misschien meer dan vriendschap.  En ik benijd je erom.  De meeste ouders zouden nu hopen dat het allemaal overgaat, of bidden dat hun zoon weer snel met beide voeten op de grond komt.   Maar ik ben niet zo’n ouder.  Als je pijn voelt, koester die dan, en als er een vlam is, doof hem niet, ga er niet harteloos mee om.  Niets voelen om maar niet te hoeven voelen, wat een verspilling!

Laat me nog één ding zeggen. Het zal de lucht klaren.  Ik ben er misschien in de buurt gekomen, maar ik heb nooit gehad wat jij had.  Er was altijd wel iets wat me tegenhield of in de weg stond.  Hoe jij je leven leidt is jouw zaak.

Maar vergeet niet, ons hart en ons lichaam worden ons maar één keer gegeven.  En voor je het weet, is je hart versleten en wat je lichaam betreft, er komt een moment dat niemand er meer naar kijkt, laat staan het nog wil aanraken.  Op dit moment is er verdriet, pijn.  Dood deze niet samen met de vreugde die je hebt gevoeld.

Uit het boek van André Aciman “Noem me bij jouw naam.”

Film : CALL ME BY YOUR NAME – Woensdag 14 februari 2018.

FILM IN DE BUDASCOOP Met LIEVER GELIJK

CALL ME BY YOUR NAME Woensdag 14 februari 2018.

“Call Me By Your Name” van Luca Guadagnino, en met fenomenale soundtrack van Sufjan Stevens.

Met Armie Hammer en Timothée Chalamet in de hoofdrol.

CALL ME BY YOUR NAME

IT/FR/BR 2017, 2u12

Engels, Italiaans en Frans gesproken, Franstalig en Nederlandstalig ondertiteld.

Hartverscheurend mooi drama over een jongen die worstelt met zijn ontwakende seksuele gevoelens tijdens een vakantie in Noord-Italië.

Call Me by Your Name is een overweldigende filmbeleving, met een vleugje magie. Een romantische film waar je in meegezogen wordt.

Het verhaal:

Professor Perlman is een archeoloog en kunsthistoricus.

In 1983 brengt hij de zomermaanden samen met zijn echtgenote Annella en zeventienjarige zoon Elio door in een vakantiehuis in Italië.

De familie wordt tijdens deze periode vergezeld door Oliver, een Amerikaanse promovendus. De jonge Elio brengt veel tijd door met Oliver en ontwikkelt al snel gevoelens voor de zelfverzekerde Amerikaan.

De chemie tussen Elio (Timothée Chalamet) en Oliver (Armie Hammer) is oprecht.

Sensueel, met een beetje erotiek.

Wij gaan deze film met Liever Gelijk bekijken op woensdagavond 14 februari 2018 om 20u15 in de Budascoop Kapucijnenstraat 10—8500 Kortrijk. 

Als Liever Gelijk krijgen we groepstarief van 7 euro.

Moest je die dag niet kunnen, de film speelt ook op andere data.

LOVE ME TINDER – Omgaan met sociale media en online daten.

Zaterdag 17 februari 2018.

Daten via app’s is tegenwoordig schering en inslag.  De meesten onder ons hebben hier zelf de weg wel gevonden, of toch misschien niet helemaal ?

De inhoud van deze workshop is als volgt:

–        Een online daten-quiz.

–        Veiligheid: info over online en offline veiligheid.

–        Het ideale datingprofiel: we maken samen in duo’s ons ideale datingprofiel.

–        Risico-inschatting: inschatting van risicovolle situaties, in groep.

–        “Liefste Debbie”: in groep enkele situaties overlopen zoals ze wel eens in Joepie of Flair verschijnen bij de ‘online helpdesk’ en gepast advies geven.

Het is een leuke workshop voor zowel mensen met veel als met weinig ervaring in online daten en die tevens ook heel wat informatie overbrengt naar de deelnemers.

Er wordt ook voldoende ruimte gecreëerd om in een veilige sfeer heel open te praten en ervaringen uit te wisselen.

Deze workshop gaat door in een vergaderzaal van çavaria en wordt ook door een medewerker van çavaria gegeven.

Voor diegenen die onze holebikoepel nog niet zo goed kennen, is dit een ideale gelegenheid om eens te zien waar ons holebibeleid zijn oorsprong vindt, we krijgen immers ook een rondleiding in de ruimtes van çavaria zelf.

Hiervoor komen we samen op zaterdag 17 februari 2018.

Çavaria (boven de A-pluss), ingang in de Kammerstraat 22 te 9000 Gent.

We beginnen stipt om 14u.

Deze workshop is gratis, maar hiervoor dien je je wel in te schrijven.

Je kunt dit doen op  liever.gelijk@telenet.be  en dit graag tot en met zaterdag 10 februari 2018.

Film – Corpo Elétrico – Donderdag 25 januari 2018

FILM IN DE BUDASCOOP Met LIEVER GELIJK

Corpo Elétrico Donderdag 25 januari 2018.

Corpo Elétrico (Marcelo Caetano) 2017—95 min.

 

Brazilië Drama geregisseerd door Marcelo Caetano
met Kelner Macêdo, Lucas Andrade en Welket Bungué.

Intimiteit is niet alleen de dichte liefde binnen een koppel.  Intimiteit kan verspreid worden over minnaars, vrienden, collega’s, familie en vreemden.

In het Braziliaanse Corpo elétrico (of: Body Electric) krijgen we verschillende variaties van intimiteit.

We volgen Elias, een jonge en aantrekkelijke homo die in een naai-atelier werkt.   Er zijn amper scènes waarin hij alleen is; we zien Elias in een quasi-permanente staat van contact. Zijn omgeving is een warm bed van mensen, divers in status, job, huidskleur en seksuele oriëntatie. Wel delen ze allemaal een emotionele vrijgevigheid en een open blik naar wat liefde betekent. Ze drinken, roken, feesten, praten, werken samen. De scène waarin een groep drag queens, homo’s en hetero’s, vrijgezellen en koppels, de verloving van een man en een vrouw uitbundig vieren, voelt subversief op de zoetst mogelijke manier.

Er zijn amper klassieke conflicten in Corpo Elétrico. Als kijker gaan we mee in de vloeibare gevoelens van de mooi uitgetekende personages, in hun verlangen en hun affecties. Slechts op een paar momenten zien we in een blik van Elias een diepe eenzaamheid, een angst, een verveling, de vraag of de prijs voor dit soort leven betaald zal moeten worden, of hij dit leven binnen tien jaar nog zal kunnen leiden.

Corpo Elétrico is een warmbloedige film over liefde en intimiteit in moderne tijden. 

Deze film wordt gespeeld onder de reeks ‘Please Release Me’, waarbij films getoond worden die niet opgepikt worden door distributeurs en ongezien blijven op het grote scherm.

Wij gaan deze film met Liever Gelijk bekijken op donderdagavond 25 januari 2018 om 20u15 in de Budascoop Kapucijnenstraat 10—8500 Kortrijk. 

Als Liever Gelijk krijgen we groepstarief van 7 euro.

Zaterdag 20 januari 2018 – Nieuwjaarsreceptie

Ook in 2018 vieren we samen Nieuwjaar! 

En we doen dit opnieuw in ‘t Kasteeltje van Heule.

Met een drankje en een knabbeltje luiden we het Nieuwe Jaar in.

Gelieve u zeker in te schrijven voor deze receptie en dit voor 13 januari 2018 op liever.gelijk@telenet.be

Deze receptie is enkel voor leden en hun partners.

Om de kleine honger te stillen zijn er broodjes voorzien !

Locatie :

‘t Kasteeltje van Heule, Heulsekasteelstraat 1 – 8501 Heule (Kortrijk).                

We beginnen om 19u.

Proost !

 

 

18 november 2017 – Rond HIV, een getuigenis door Geert Thyssen

Geert Thyssen
Geert Thyssen
Geert Thyssen

Wat te verwachten van de uiteenzetting door Geert Thyssen over zijn visie aangaande ziekte en gezondheid?  In de aankondiging voor deze activiteit stond: “Rond HIV – een getuigenis.”

Bleek achteraf, dat het thema HIV slechts in de rand aanwezig was en dat meer de manier hoe een mens in het leven staat, invloed kan hebben op zijn gezondheid.

O.K. Geert vertelde wel over zijn HIV status, hoe hij “besmet” werd en hoe hij ermee omgaat.  We willen van te voren dan ook heel duidelijk stellen, dat dit de persoonlijke mening is van Geert.

Hoe ieder dit voor zichzelf interpreteert, is een eigen, vrije beslissing.

Er werden ook veel (kritische) vragen gesteld en Geert antwoordde altijd vanuit zijn persoonlijke levenshouding. Voor die houding valt inderdaad wel wat te zeggen, maar dat moet iedereen voor zichzelf uitmaken.  Elke persoon is immers uniek, elke levenssituatie weer anders.

Hier komt zijn betoog:

Toen Geert zijn bloed enkele jaren terug liet onderzoeken, bleek hij seropositief te zijn.  Bij het horen van die diagnose spookten heel wat dingen door zijn hoofd: angst, schaamte, het leven is voorbij, dood, stukgeslagen dromen, aftakeling, afzien, pijn, verdriet.

Gelijkaardige gedachtes kunnen bij allerlei ziektes ontstaan, afhankelijk van hoe ons idee rond ziek zijn is gevormd. De impact daarvan is afhankelijk van hoe je in het leven staan, hoe je om kan gaan met negatieve gebeurtenissen.

Volgens Geert is ziekte een disbalans in je lichaam.  Ziekte is een signaal, een reactie van je lichaam om dit weer in balans te brengen.

Luc Montagnier ontdekte in 1983 dat bij iedereen die aids had, het hiv-virus aanwezig was.  Daardoor is er te vlug de link gelegd tussen het hiv-virus en aids.  Er is onvoldoende aangetoond volgens wetenschappelijke normen dat hiv de enige oorzaak is van aids.  Er zijn meerdere testen nodig om zogezegd ‘betrouwbare’ resultaten te hebben. In tegenstelling tot andere testen moet er hier gewerkt worden met een sterke verdunning, anders zou je bij iedereen een positieve testuitslag hebben.

Volgens Geert zijn de BIG farma niet gediend met een volledige genezing van de mens.  Gezonde mensen brengen immers geen geld op.

Zeer vele dokters blussen brandjes.  Zij bestrijden de symptomen, maar niet de oorzaak.  De huidige medische wereld zou dieper moeten kijken, “holistischer”, m.a.w. de hele mens bekijken, niet enkel de aidspatiënt, de grieppatiënt, de burn-out-patiënt.

In deze stressvolle, hectische maatschappij, met een niet al te gezonde levensstijl, krijg je meer en meer mensen die uitvallen door burn-out, depressie, immuniteitsfalen…

We zijn allemaal kinderen van deze tijd!

Volgens Geert, is gezondheid op fysiek vlak vrij zijn van pijn en ongemak, waardoor je je goed in je vel voelt.  Op emotioneel vlak innerlijke rust en vrede ervaren.  Op mentaal vlak een heldere geest waar rationaliteit en creativiteit gelijkmatig aanwezig zijn.

Op spiritueel vlak leven voor het grotere geheel, m.a.w. egoïsme laten vallen en je ook inzetten voor andere mensen.

De mens is meer dan lichaam en geest.  Je wordt ook beïnvloed door erfelijke factoren, het milieu, je levenswijze, psychologische factoren ….  Zeker deze laatste, zoals bv. negatieve gemoedstoestanden, ergernis, jaloezie, ontevredenheid verminderen je levenskracht en verzwakken onze immuniteit.

Geert kantte zich ook sterk tegen medicijnen en neemt ook geen aidsremmers, maar probeert op zijn eigen manier zijn immuniteit recht te houden, door o.a. de manier waarop hij in het leven staat, door bepaalde voedingssupplementen te nemen die bepaalde balansen in zijn lichaam herstellen.   Ook hier, dit is Geerts persoonlijke mening en beslissing.

Ziekte is geen probleem, wel hoe je ermee omgaat. Niet de moeilijke omstandigheden in het leven maken ons ziek, maar wel ons negatief oordeel over deze omstandigheden.  We dienen leren positief om te gaan met negatieve gebeurtenissen, niet in het gevecht gaan, maar wel aanvaarden en vanuit die aanvaarding kijken wat er nog wel mogelijk is.

Het is belangrijk je gezondheid optimaal te houden en belastende factoren te beperken tot een minimum.  Geert gaf hier het voorbeeld aan van zijn schoonmoeder, iemand die alle aandacht vraagt en ook alle energie uit je wegzuigt. Zulke “factoren” dien je zo veel mogelijk uit de weg te gaan.

Volgens Geert is angst ook ziekmaker nr. 1.  Angst probeert zich meester te maken van ieder van ons, via de veelal negatieve nieuwsberichten, via social media.  Maar sta je vol vertrouwen in het leven, dan verdwijnt de angst als sneeuw voor de zon.  Je moet vertrouwen hebben in de natuur, in jezelf en in het zelfhelend vermogen.

De belangrijkste persoon in je leven ben jezelf!  Je bent voortdurend in gesprek met jezelf.  Je moet jezelf als je beste vriend zien, jezelf motiveren, positief benaderen, liefdevol hanteren, verzorgen…

HIV, mijn positieve vriend.  Wat komt die ziekte op mijn pad doen?  Waarom overkomt mij dit?

Geert heeft hierover meer inzicht gekregen door de Nieuwe Germaanse geneeskunde.  Dit beschrijft hij uitvoerig in zijn boek.  Volgens hem geeft het een verklaring vanuit de biologie, vanuit de natuurwetten.

Je krijgt een plotse onverwachte shock waardoor er een conflict ontstaat.  We spreken niet over ziekte, maar vanuit de biologie reageert je lichaam op de meest gepaste manier.  Je hebt twee fases, de conflict-actieve fase en de herstelfase of genezingsfase.  Virussen, bacteriën en co zijn helpers.  HIV is dus geen probleem, wel een diagnose-shock.   Afhankelijk van die diagnose-shock, dien je de conflicten die zich voordoen duidelijk maken en aanpakken.

Geerts visie op zijn situatie in deze context is volgens hem zijn jarenlange angst voor HIV, na een saunabezoek met gescheurde condooms en daardoor verhoogde stress en paniek geeft de biologie een oplossing, nl. door datgene waarvoor je angst hebt ook aan jou te geven.

Voor Geert verdween daardoor zijn angst voor HIV.  Dit was voor hem een kantelmoment dat hem de kans gaf radicaal van koers te wijzigen en intenser te gaan leven.

De kernboodschap van Geert draait dan ook niet om te stoppen met medicatie, maar om je eigen weg tot innerlijke vrede te vinden, dit zonder angst.  Gebruik je keuzevrijheid en zelfverantwoordelijkheid om bewust van het leven te genieten!

Hier sloot Geert zijn betoog af en beantwoordde hij nog een aantal vragen.  Velen interesseerden zich ook voor zijn boek dat hij te koop aanbood.

Nadien trok iedereen nog naar beneden voor een paar drankjes en om na te praten over Geerts uiteenzetting.

Rest ons nog om Dirk te danken om opnieuw zijn etablissement voor ons ter beschikking te stellen en (tussen haakjes), de witte roosjes op de tafel van Geert waren eveneens een attentie van Dirk.

Tot een volgende!

15 oktober2017 – Bulskampveld

Die zondag, een uitzonderlijk mooie zomerdag, kwamen we samen aan de ingang van het bezoekerscentrum van het Bulskampveld.

Onze gidse, Moniek, blijkbaar nog een oude bekende van Guido, verwelkomde ons.  Je merkte al gauw dat zij dicht bij de natuur stond.

Met 27 man begonnen we aan onze wandeling. Heksen staan natuurlijk ook dicht bij de natuur of tenminste bij de mythes daarvan en Moniek haalde al dadelijk haar heksenbezem boven en we hadden al een eerste symboliek: een bezem stond vroeger aan de deur om al het slechte buiten te vegen.  En natuurlijk gebruikten de heksen dat ook om op te vliegen, maar dat is niet gelijk een elektrische fiets, verduidelijkte Moniek, je moet wel de juiste kruiden en zalf gebruiken..  We waren vandaag  op de feestdag van de H. Theresia en toevallig noemt men deze ook zo’n nazomertje, Trezekes nazomertje.  Men gebruikte vroeger dikwijls de heiligen om iets aan te hangen. Tussen 8 en 15 november heb je ook het “oudewijvenzomertje”.

We gingen er dus invliegen met of zonder bezem en we belandden vlakbij aan een hulstboom.  Beneden heeft die struik/boom meer stekels dan boven.  Vroeger gebruikte men deze ook om het vee in de weide te houden. In sommige landen (zoals in Duitsland) worden op palmzondag niet de palm(buxus) die wij hier kennen, maar wel hulsttakken gewijd.  Hulst blijft altijd groen en dat wist men reeds bij de oude Kelten. Deze plant werd dan ook in hun rituelen opgenomen, bv. bij de zonnewende (21 december), omdat deze altijd groen blijft en dus leven gevend.  Ook bij ons, bij Kerstmis wordt de hulst nog altijd als versiering gebruikt, in feite een oud gebruik van bij de Druïden.

Palm en laurier zitten in dezelfde familie: “op je lauweren rusten”, komt van bij de Olympische Spelen, men gebruikte vroeger een laurierkrans als je gewonnen had.  Je had het gemaakt en nu kun je een beetje bekomen.  Palm, iets op je “palmares” schrijven, wij hebben een aantal woordspelingen die vanuit de natuur komen en waarvan wij de oorsprong vergeten zijn.

In 1904 werd dit kasteel aangekocht door de familie Lippens. Toen werd ook met de aanleg van het park in Engelse stijl begonnen met heel wat uitheemse bomen.  Men heeft nu wel een beetje de discussie of die uitheemse bomen (exoten) niet weg moeten, maar aangezien deze in een park staan, mogen ze blijven.  Het was indertijd ook een zaak van prestige als je je uitheemse bomen kon permitteren.  Ook met getallen werd toen gegoocheld, groepjes van bv. 3 bomen (de heilige Drievuldigheid), van 7 ( de 7 dagen van de week, de 7 werken van Barmhartigheid …), van 12 (de 12 apostelen … )  Er zijn echter veel bomen gekapt door de Duitsers, die hier in de twee wereldoorlogen een commandopost hadden.  Zij hebben dat achteraf vergoed met Duits zaad (van bomen natuurlijk).

Van de berk kun je in de lente ook sap aftappen: je snijdt een twijg af en je als je daar een fles aanhangt, zal het sap er in druppelen, maar vanaf het moment dat het troebel wordt, moet je stoppen.  Blijkbaar verdwijnt daarvan de voorjaarsmoeheid.

Moniek bracht ons dan tot bij het konijnenveld.  Het konijn is eigenlijk een ingevoerd dier, de haas is inheems.  De symboliek achter een konijnenpootje.  Blijkbaar worden konijnen geboren met open ogen, vandaar dat het een symbool was van waakzaamheid.  Vroeger zag men veel meer konijnenpootjes, aan een sleutelhanger of aan fietsen hangen.  Nu is dat een beetje verdwenen.  Dat bracht zogezegd geluk.  In de wereld van actrices gebruikte men dit veel om zich te schminken.  Het was eigenlijk het borsteltje van de poederdoos dat zij altijd mee hadden in hun etui.  Dus dat konijnenpootje maakte alle stress mee die vooraf ging aan hun optreden.

We passeerden de mooie stam van de grove den.  Ideaal om een fotootje bij te trekken, nietwaar Vincent?   Vlakbij een linde, ideaal als zonnescherm, maar ook als regenscherm.  Als je het blad bekijkt, zie je duidelijk een hartvorm.  Dat is dus ook de boom van de verliefden, om de afspraakjes te maken en je zit beschermd tegen regen en zon.    Kun je je een betere plek voorstellen?   Moesten de bomen kunnen vertellen, zei Moniek, ze hebben al wat gezien!

Een lindetheetje, ’s avonds voor het slapengaan, is rustgevend. 

De linde is een vrouwelijke boom en werd vroeger toegeschreven aan de moedergodin, Freya, de godin van de vruchtbaarheid.  Dat is dan ook weer gekerstend en daarom vindt men vele mariakapelletjes terug in de buurt van een lindeboom of ze hangen er in.

Er zijn ook veel spreuken die te maken hebben met hout: “Je moet hout vasthouden”, “Hoe hoog de boom ook groeit, zijn bladeren vallen altijd op de grond”, “Er zit meer in het hart van de boom dan de bijl blootlegt”, “Uit het goeie hout gesneden zijn”, “Een oude boom verplant je niet”, “Bomen sterven staande”…

We passeerden een “Tulpenboom” met zijn karakteristiek blad.  Volgens Moniek, alhoewel uitheems, toch een zeer goeie bijenboom wegens zijn talrijke bloemen.

We kwamen voorbij een weide met koeien en alhoewel ze een hele weide met gras ter beschikking hebben, zetten koeien zich dikwijls op hun knieën om onder de prikkeldraad door het gras van de andere kant te kunnen grazen.  Het gras is dikwijls groener en smakelijker aan de overkant, maar het duurt meestal niet lang 😉

Danny vertelde ook iets dat de gidse niet wist: in een eik of tamme kastanje zit er een draaiing in de boom. Dat is de reden waarom alle molens in Europa in dezelfde richting draaien,  omdat de standaard (het spant), de boom centraal in de molen, mee moet draaien met de richting in het hout, anders breekt het hout. Hoe het is buiten Europa, daar hebben we het raden naar.

We kwamen ook voorbij een Thuja (levensboom), waaruit men vroeger een product tegen scheurbuik haalde.  In de twijgjes zit ook een etherische olie en daarvan wordt zelfs wierook gemaakt.

Toen we een hazelaar passeerden, haalde Moniek zelfgemaakte hazelnootkoekjes boven.   Van de hazelaartak kun je ook een wichelroede maken, ideaal voor het vinden van breuken in de aardkorst, aardstralen of wateraders.  Gelove wie het geloven wil!

Moniek vertelde dan ook nog het verhaal, waarom het zo stil kan zijn in het bos.  De bomen kunnen niet praten, maar vroeger was het wel anders.  Omdat de bomen te veel kapsones kregen, nam de zon het vermogen tot spreken van de bomen af.  En sindsdien konden de bomen niet meer praten en kunnen ze alleen nog maar luisteren.

Vervolgens nam Moniek ons mee naar een “ijskelder”. Nu wordt deze gebruikt als overwinteringsplaats voor vleermuizen.

Zij vertelde daar over de verschillende betekenissen met het woord “boom”, je hebt de meiboom, de geboorteboom, bomen waar recht onder gesproken werd..  en wat heb je nog allemaal ? En onze Toon repliceerde: ”slagboom” !  Iedereen schaterde het uit, prachtig gevonden, maar niet helemaal in de betekenis die Moniek zocht.

Terug op weg naar het kasteel, passeerden we een Vlier.  Daar haalde Moniek een aantal zelfgemaakte fluitjes boven. Vandaar komt ook de naam “flierefluiter”.  Van vlierhout maakte men vroeger ook een klakkebusse (een proppenschieter).

Terug aan het kasteel, mochten we via een trapje aan banken plaatsnemen.  Moniek had daar nog een proevertje voor ons in petto van witte wijn met zelfgemaakte vliersiroop.

Toen was het tijd om afscheid te nemen van onze enthousiaste gidse en togen we naar de cafetaria om aan het grotere werk te beginnen.

Spijtig genoeg was het daar overvol, maar een behulpzame garçon wees ons de weg naar “de manège” ietsje verder.  En daar vonden we inderdaad nog een overvloed aan plaats in het zonnetje, tussen de paarden en de vliegen.

Aan twee lange tafels, Hans en Geert, waren er intussen ook bijgekomen, genoten we van een welverdiende dorstlesser en van elkaars gezelschap.  Het was daar zaaalig, in het zonnetje.  Wat moet een mens nog meer hebben?  Zo’n afsluiter hoort er immers altijd bij en ik val weer in herhaling, samen iets gaan drinken (of gaan eten) na een activiteit versterkt ons samenhorigheidsgevoel en de vriendschap in onze vereniging.  En daar draait het ook allemaal om.

Tot een volgende!

1 september 2017 – Film “120 battements par minute”

Als je terugdenkt aan deze film, wat schiet er dan door je hoofd ?

O.K., hij was misschien een beetje aan de lange kant, wat betreft het thema was hij ook niet dadelijk optimistisch te noemen…  Maar toch gaf hij heel duidelijk, alhoewel af en toe een beetje geïdealiseerd, de toenmalige situatie weer op het hoogtepunt van de aidscrisis.

Gevoelens van hopeloosheid, uitzichtloosheid waren de duidelijke onderstromen van deze geschiedenis.   Het is inderdaad een tijd die zeker voor de jongere generatie  totaal onbekend is.  HIV blijft natuurlijk geen katje om zonder handschoenen aan te pakken, maar met een paar pilletjes per dag blijft je afweerschild optimaal. Omdat je zelf die tijd gekend hebt en ook de angst om besmet te geraken – aids was toen de nieuwe melaatsheid en een zeker doodsvonnis – begrijp je dan helemaal niet, hoe het komt dat er ook tegenwoordig zoveel onveilig gevreeën wordt, en dat bewust!

Een vaccin is er zeker nog niet, je hebt nu wel pep en prep* en je mag nog van geluk spreken dat je in onze contreien woont, want hiv-positieven in ontwikkelingslanden zitten nog altijd niet in goeie papieren wat het verkrijgen van aidsremmers betreft.

Maar nu terug naar de film.

Hij viel duidelijk uiteen in twee grote delen.  Een eerste deel waarin (oeverloos) gediscussieerd werd over de aanpak naar de overheid en de laboratoria toe om vaart te zetten in het ontwikkelen van efficiënte medicijnen.  De methodes komen ons nu een beetje agressief en provocerend over, maar was voor de (hopeloze) mensen in die tijd, misschien de enige manier om hun stem te laten horen.

Een tweede deel, meer intiem, gaat over de groeiende relatie tussen twee hoofdfiguren, het einde ervan door de ziekte.

Natuurlijk ook prachtig gefilmd.  De contestaties, de beelden van de optochten van de gay prides die automatisch overvloeien in beelden van de fuiven achteraf, heel herkenbaar.

De dansende, oplichtende stofdeeltjes op die fuiven die dan overgaan in beelden van het virus zelf, eigenlijk heel poëtisch en helemaal niet bedreigend.

We zaten met 30 Liever Gelijkers in de zaal, samen met nog 2 andere (hetero)koppels.  Wat moesten ze gedacht hebben?   Op het scherm gays wat de klok sloeg en in de zaal gays wat de klok sloeg. Voor hen moet het een aparte ervaring geweest zijn 😉

Achteraf bleven we wel een beetje verweesd zitten. We beseffen natuurlijk allemaal dat dit verhaal ook het onze zou kunnen zijn.

Maar er zijn gelukkig ook leukere dingen in het leven en om de emoties een beetje te laten zakken, nodigde Dirk van ’t Eiland ons uit voor een broodje en een drankje in zijn etablissement.  Een 20-tal gegadigden van Liever Gelijk profiteerden van zijn aanbod. Onze Jan O. jarig op die dag, kreeg dan wel geen opbeurende film voorgeschoteld, maar het roosje dat hij achteraf van Dirk kreeg, maakte alles weer goed.

Toen de drank boven op geraakte, zakten we natuurlijk af naar beneden voor nog een laatste glaasje.

Het was al ver achter twaalven, toen we het café mochten sluiten.

*(Pre Exposure Prophylaxis. Het gebruik van hiv-remmers om hiv-infectie te voorkomen. De effectiviteit van PREP wordt momenteel onderzocht. Verschil met PEP: bij PEP worden hiv-remmers gebruikt nadat men mogelijk in aanraking met hiv is gekomen; bij PREP is dat er voor.)

17 september 2017 – Bezoek aan Epéron d’or

Onder de warme en deugddoende stralen van een late zomerzon kwamen we die namiddag samen aan het « Schoen-en borstelmuseum ’Eperon d’Or » in Izegem.

Deze erfgoedsite is gelegen aan de achterkant van het station.

Zo’n 26 leden hadden er zin in om op deze mooie zondag met de geschiedenis van deze twee ambachten nader kennis te maken. (groepsfoto aan het gebouw)

De gidse (Marie-Jo) was ons ondertussen al tegemoet gekomen, en ging stipt om 14u van start door ons eerst wat te vertellen over de geschiedenis van dit bedrijf.

Het verhaal van Eperon d’Or begon namelijk in de negentiende eeuw bij Emiel Vandommele. Hij was een befaamd leerling van de Izegemse meester-schoenmaker Eduard Dierick, die in zijn tijd al koninklijke laarzen maakte voor Willem I en Leopold I.

Toen Emiel volleerd was en op eigen benen kon staan, toonde hij zich een ambitieus ondernemer, want in 1863 richtte hij het schoenbedrijf ‘Eperon d’Or’ op. (‘Gulden Spoor’)

Dat er gekozen werd voor een Franse naam, past natuurlijk perfect in de toenmalige tijdsgeest, want Frans was toen de voertaal van de betere burgerij, de bourgeoisie.

Het Frans was eveneens de communicatietaal met de (buitenlandse) klanten.

Het achterdeel van dit gebouw dateert van 1910, en werd gezet nadat de bestaande ateliers van de eigenaar – die meer in het centrum gelegen waren – te klein geworden waren.

Hier langs de spoorweg was een goede locatie voor een nieuwe start.

Op dat moment werkten er reeds een 180-tal personen bij het bedrijf.

De prachtige voorgevel dateert echter van wat later, namelijk van 1930, en is in pure Art Deco-stijl opgetrokken.

De gidse wees ons op de mooie architectuur van deze façade, en had aandacht voor de symmetrie van de gevel-onderdelen, de kwaliteit van de bakstenen, de kleur van het voegwerk, en de accenten met geëmailleerde tegels.

Een 4-tal ingangsdeuren hadden destijds elk hun functie. (o.a. voor de directeur en z’n klanten, een andere voor het personeel, …)

Het geheel straalt terecht een zekere grandeur uit, want al bij al was dit bedrijf ondertussen een ‘fournisseur de la cour’ (hofleverancier) geworden, en had hierdoor aanzien en faam verworven.

(detailfoto van dit embleem)

Vandommele en de zijnen hadden zich namelijk gespecialiseerd in luxeschoenen, vooral voor dames.

In die tijd profileerde Izegem zich meer en meer als schoenenstad, en het kenmerk ‘chaussure d’Iseghem’ werd langzamerhand een garantie voor kwaliteit en vakkundigheid.

Men deed zelfs mee aan buitenlandse exposities in o.a. Parijs en Berlijn.

De gidse leidde ons vervolgens naar binnen ; jawel, doorheen de vroegere ingangsdeur voor het personeel. We kwamen al gauw in de vroegere werkplaatsen te staan die momenteel heel mooi ogen als museumruimte. (foto)

Hier en daar was een werktafereel opgesteld, voorzien van het nodige originele werkmateriaal. Vitrinekasten met schoenonderdelen en andere voorwerpen dienden ter illustratie van de verhalen die onze gidse effenaan uiteen zette.

Marie-Jo nam nu en dan plaats achter een of ander werktuig en becommentarieerde de opeenvolgende handelingen die gemaakt werden om van zool tot afgewerkte schoen te komen.

Schoenen werden gemaakt op basis van een houten leest, waarover men papier bevestigde. Het papieren model werd vervolgens uitgesneden, om daarna opnieuw uitgesneden te worden uit een zinken plaat. Dit element uit zink, was een stevige materie om als basis mee te beginnen.

Bij deze eerste fasen van het maken van een schoen kwamen dus al gauw enkele gespecialiseerde beroepen kijken: een leestmaker, een patroonmaker, en een leersnijder.

De verschillende soorten huid, die als leer werden gebruikt, waren overzichtelijk uitgestald, met verwijzing naar hun soort (rundshuid, varkenshuid, geitenhuid, …) en herkomst.

Zelfs ‘kippenpoothuid’ werd gebruikt, vanwege z’n structuur : om krokodillenleer te imiteren bij kleinere details op een schoen, of als horloge-armbandje.

De buitenzool, binnenzool, en het bovenstuk van de schoen werden samen vastgenaaid met één draad, die later versterkt werd met ‘pek’ (een afgeleide van teer).

Daar was kracht voor nodig, en dus was dit mannenwerk. De vrouwen kwamen in een later stadium aan beurt, met het fijnere werk. Alles was dus voornamelijk handenarbeid.

De hakken (talons) van de damesschoenen waren destijds gemaakt uit een opeenstapeling van verschillende laagjes leer ; totdat de houten hak (uit één geheel) werd bedacht.

Met het thema en materiaal « hout » ging onze rondleiding rimpelloos over van het ‘schoengedeelte’ naar het ‘ borstelgedeelte’.

Het andere deel van de grote werkplaats waarin we ons bevonden was namelijk toegewijd aan de ‘borstelgeschiedenis’. (groepsfoto)

De gebruikte materies bij een borstel waren harde gedroogde vezelsoorten of varkensharen.

(Er is zelfs een periode geweest dat deze geïmporteerd werden uit China, want daar bleken varkensharen wat langer te zijn).

Er werden dus zowel plantaardige als dierlijke vezels gebruikt als borstelharen.

En wat het hout betreft, ging de voorkeur naar beukenhout = stevig hout, en toch zacht om te bewerken. (om het te gebruiken/verwerken tot borstelkoppen en schoenleesten).

We maakten kennis met veegborstels, handborstels, kleerborstels, haarborstels, …

Luxe-hand-en haarborstels werden zelfs uit been of ivoor gemaakt.

De versiering van het montuur (= het bovenstuk van een handborstel) was voornamelijk vrouwenwerk. (foto toiletset beschilderd)

Heden ten dage zijn er nog altijd 7 borstelfabrieken in Izegem.

Langs enkele panelen met vroegere affiches en afbeeldingen over het sociale leven van de arbeider destijds, ging onze rondleiding vervolgens verder naar de 1e verdieping van het gebouw.

Daar kregen we wat bijkomende informatie over Eduard Dierick (de grondlegger van de Izegemse schoennijverheid, en stichter van de huidige vakschool (VTI) waar jongens destijds de stiel van schoenmaker konden leren.

Bij het wandelen doorheen enkele andere ruimtes op deze verdieping, konden we mooi opgestelde vitrines aanschouwen met opnieuw enkele staaltjes van puik vakmanschap: zowel gesofistikeerde schoenen, als geraffineerde handborstels.

Maar – om terug te keren naar de geschiedenis van de schoennijverheid van toen – aan alle mooie liedjes komt een eind. Ook aan datgene van de Izegemse schoenenindustrie.

In de jaren 1960 ging de hele sector dramatisch achteruit door onder meer de concurrentie uit Italië en Oost-Europese lage loonlanden. Veel bedrijven kregen harde klappen, want ze hielden te hard vast aan het ambachtelijke aspect van hun productie.

Ook Eperon d’Or, dat op dat moment bestuurd werd door de vijfde generatie van Vandommele.

In 1967 kwam er tenslotte definitief een eind aan het verhaal : het bedrijf ging failliet.

Gedaan dus met de schoennijverheid, wegens « te ambachtelijk ».

Gelukkig werden de gebouwen echter niet gesloopt, en werd deze site door de stad Izegem beschermd en gerestaureerd als industrieel erfgoed, en ingericht tot museum.

We verlieten het gebouw via een kleine hall met enkele toonbanken met te koop aangeboden materiaal, zoals boeken, borstels, schoensmeer, verfkwasten, en enkele nuttige souvenirs.

Na dit interessante bezoek, en rondleiding van toch bijna zo’n twee uur, hadden we natuurlijk dorst gekregen, en trokken we met de meesten onder ons naar het eind van de straat naar een aangename taverne, ‘The Cottage’.

Plaats op de terras in het zonnetje was er niet meer, dus met z’n allen dan maar gezellig naar binnen. Met een drankje en een babbel sloten we deze mooie geslaagde namiddag af.

We waren weer wat rijker aan kennis en cultuur!

Spring naar werkbalk